‘Zonder Crispin kan ik niets’
Sevinc Celik (25) is blind geboren. Al heel jong wist ze het zeker: ‘ik wil een geleidehond’. Hoewel de keuze voor haar helemaal niet zo voor de hand lag, heeft ze de grote obstakels overwonnen om een kinderdroom uit te laten komen. Nu zijn ze onafscheidelijk. ‘Ik wil graag een interview geven, maar dan moet Crispin mee.’
Sevinc Celik: ‘Ik had geen idee wat het inhield om een hond te hebben. Ik had er nog nooit een meegemaakt, laat staan ervoor gezorgd. Toch wist ik van kleins af aan heel zeker dat ik een geleidehond wilde. Mijn ouders komen uit Turkije en in onze cultuur hebben mensen niets met honden. Mijn ouders zijn moderne moslims, maar in een strengere omgeving is een hond taboe. Daar wordt hij gezien als onrein. Dus mijn ouders stelden het helemaal niet op prijs toen ik thuis kwam met de boodschap dat ik een geleidehond wilde. Dat is nog mild gezegd. Ik ben zelfs een tijd niet thuis geweest. Gelukkig gaat het nu goed. Voor mij was het hebben van een geleidehond zo belangrijk dat ik er alles voor over had. Maar zij zagen dat ze hun dochter kwijtraakten, en dat wilden ze niet. Na verloop van tijd kwamen ze toch weer bij mij thuis en gingen ze het toch wel leuk vinden. Vooral toen ze zagen wat Crispin voor me betekende. Wat ik allemaal kon dankzij hem.
Het is misschien raar gezegd, maar voordat ik Crispin kreeg, kon ik helemaal niets. Ik kon niet normaal lopen omdat ik me het stoklopen niet eigen kon maken. Ik zat altijd thuis en kwam nauwelijks buiten, want zonder hulp kon ik niet weg. Ze wilden me in een sociale werkplaats stoppen, maar dat wilde ik niet. Ik ben toen met behulp van een zelfstandigheidtherapeut routes gaan leren. Als je geen routes kent, krijg je ook geen geleidehond. Het leren van de routes ging heel moeizaam, maar het is me gelukt. Toen mocht ik op de wachtlijst voor een geleidehond.
Ik heb Crispin nu vier jaar. Het begin was heel erg moeilijk. Ik heb me tijdens de instructie wel afgevraagd waar ben ik aan begonnen was. Ik heb er bijna drie weken over gedaan om het tuig vlot om te kunnen doen. Ik was zo onzeker. Ik wist totaal niet hoe ik met een hond moest omgaan. Ik ben prima opgevangen door de instructeurs. Zij hebben me helemaal voorbereid. Ze hebben veel met me gepraat en me alles geleerd wat ik moest weten om voor Crispin te kunnen zorgen en met hem te lopen. Het is een heel routevaste hond, dus dat hebben ze perfect voor me uitgezocht.
Drie dagen per week werk ik bij de gemeente Apeldoorn als telefoniste. Crispin en ik lopen daar samen naar toe. De andere dagen ga ik met hem wandelen of boodschappen doen. Ik kom nu heel veel buiten en ontmoet ook vaker andere mensen. Ik heb geen gezin en ook niet zo heel veel vrienden. Dat is jammer, maar het is niet zo erg. Ik heb Crispin. Hij is mijn vriend, mijn steun en toeverlaat én mijn vrijheid. Vorig jaar was hij een paar weken ziek. Hij moest naar een pleeggezin omdat ik hem zelf niet goed kon verzorgen. Het was een ramp dat hij er niet was. Dan weet je pas echt wat je mist. Ik zat weer alle avonden en mijn vrije dagen thuis. Weg vrijheid, weg gezelligheid en weg vrolijkheid. Het was zo stil in huis. Ik moet er niet aan denken dat Crispin er niet meer is. Door hem kan ik ook meedoen. Door hem hoef ik niet op de bank te blijven zitten.’